De fundering van een overkapping bestaat in de meeste gevallen uit betonpoeren onder elke staander. Die poeren gaan minimaal 80 centimeter de grond in, tot onder de vorstgrens. Een goede fundering verdeelt het gewicht van de constructie over de ondergrond en voorkomt verzakking, scheefstand en klemmende schuifwanden.
Welke fundering heeft een overkapping nodig?
De juiste fundering volgt uit het gewicht van de constructie en de draagkracht van de grond. Drie methodes komen in de praktijk voor.
Methode | Geschikt voor | Diepte |
Betonpoeren | Lichte tot middelzware overkappingen | 70 tot 80 cm |
Gestort beton | Zware constructies en glazen daken | 80 cm of dieper |
Schroeffundering | Slappe klei- en veengrond | tot 100 cm |
Het gewicht loopt sterk uiteen per uitvoering. Een polycarbonaat dak weegt aanzienlijk minder dan een dak van gelaagd glas, en glazen schuifwanden voegen daar een puntlast per rail aan toe. Een zwaardere constructie vraagt daarmee een diepere en bredere poer.
Betonpoeren: de meest gekozen basis
Betonpoeren zijn de meest gekozen fundering voor een overkapping. Een standaard betonpoer meet 18 × 18 × 30 centimeter en heeft een ingestort draadeind of een voetplaat waarop de staander vastzet.
De plaatsing verloopt in vier stappen:
- Uitzetten: markeer de posities van de staanders en controleer de diagonalen op haaksheid.
- Graven: graaf per positie een gat tot onder de vorstgrens, minimaal 70 centimeter diep.
- Stellen: plaats de poer, stel de bovenkant waterpas en controleer alle poeren onderling op gelijke hoogte.
- Aanvullen: vul het gat aan met stabiel zand of snelbeton en verdicht de aanvulling in lagen.
Snelbeton is binnen 30 minuten oppervlaktebelastbaar en bereikt de volle sterkte na enkele dagen. Meng het snelbeton in het gat zelf, waarbij het water als laatste toegaat. De constructie komt daarom pas na uitharding op de poeren te staan.
Controleer de poeren onderling met een lange rei en een waterpas voordat de staanders erop komen. Een afwijking van 1 centimeter tussen twee poeren werkt door in de hele overkapping. Bij een overspanning van 6 meter levert die afwijking een zichtbare scheefstand in de dakrand op.
Een overkapping op tegels plaatsen
Een overkapping direct op tegels plaatsen levert geen volwaardige fundering op. Een tegel ligt in een zandbed van enkele centimeters en verplaatst het gewicht niet naar de vaste ondergrond eronder.
Twee gevolgen treden op. De staander zakt onder eigen gewicht ongelijkmatig weg, waardoor de constructie uit het lood komt. En vorst tilt het zandbed in de winter op, wat verzakking en scheuren in de bestrating rond de staander veroorzaakt.
Een bestaand terras vormt daarmee geen bezwaar, maar wel extra werk. De tegels rond elke staanderpositie gaan eruit, de poer komt in de vaste ondergrond te staan en de tegels sluiten daarna weer aan rond de staandervoet.
Stelconplaten vormen de uitzondering. Een stelconplaat verdeelt het gewicht over een groot oppervlak en dient bij een lichte constructie op stevige zandgrond als basis.
Hoe diep gaat de fundering?
De fundering gaat minimaal 80 centimeter diep. De vorstgrens in Nederland ligt tussen de 60 en 80 centimeter onder maaiveld, en een fundering die daarboven eindigt beweegt mee met de vorstwerking in de bodem.
De vereiste diepte verschilt per grondsoort. Kleigrond vraagt minimaal 70 centimeter graafwerk, omdat klei krimpt bij droogte en uitzet bij vocht. Veengrond vraagt eveneens 70 centimeter en heeft daarnaast een lage draagkracht, waardoor de poer een groter grondvlak nodig heeft. Stevige zandgrond biedt de gunstigste uitgangspositie en verdicht goed rond de poer.
Bij twijfel over de grondsoort geeft het graafwerk zelf uitsluitsel. Grond die aan de schep blijft plakken is klei, grond die los uit de schep valt is zand.
Schroeffundering bij slappe grond
Een schroeffundering bestaat uit stalen palen met een schroefblad, die met een machine de grond in draaien. De palen halen een diepte tot 100 centimeter en zijn direct na plaatsing belastbaar.
Drie voordelen onderscheiden een schroeffundering van betonpoeren. De methode vraagt geen graafwerk, wat in zware klei aanzienlijk tijd scheelt. De palen zijn binnen enkele uren geplaatst, waardoor de opbouw dezelfde dag start. En de palen zijn na verwijdering volledig herbruikbaar.
Een schroeffundering komt vooral in beeld bij een vrijstaande constructie in een tuin met slappe ondergrond.
Hoeveel poeren heeft een overkapping nodig?
Het aantal poeren volgt uit het aantal staanders. Een aluminium veranda tegen de gevel heeft twee staanders tot een breedte van 7 meter, waarbij de gevel de achterzijde draagt. Een vrijstaande overkapping heeft vier staanders en daarmee vier poeren.
Boven 7 meter breedte komt een derde staander in het midden, of een zwaardere ligger die de overspanning zonder tussensteun draagt. Elke extra staander vraagt een eigen poer op dezelfde diepte.
De verdeling van de staanders volgt uit de gewenste maatvoering, niet andersom. De maten die bij een terras passen staan in het overzicht van de afmetingen van een veranda.
De fundering bij glazen schuifwanden
Glazen schuifwanden stellen hogere eisen aan de fundering dan een open overkapping. De onderrail draagt het gewicht van de panelen en vraagt over de volle lengte een vlakke, stabiele ondergrond.
Een verzakking van enkele millimeters in de rail levert direct klachten op. De panelen lopen zwaar, sluiten niet meer aan bij de sponning en blijven in de eindstand openstaan. Een solide fundering onder de volledige raillengte voorkomt dat.
Bij een houten constructie speelt daarnaast optrekkend vocht. Een poer die 5 centimeter boven het maaiveld uitsteekt houdt de houten staander uit de grond, waardoor het hout droog blijft.
Wat gebeurt er bij een te lichte fundering?
Een te lichte fundering veroorzaakt vier gebreken, meestal binnen de eerste twee winters.
- Scheefstand: de staander zakt ongelijkmatig weg en de dakrand loopt zichtbaar af.
- Klemmende deuren: de schuifwanden lopen zwaar of sluiten niet meer aan.
- Scheuren: de bestrating rond de staandervoet scheurt door vorstwerking.
- Wateroverlast: het afschot in het dak verandert, waardoor regenwater richting de gevel loopt.
Herstel achteraf is ingrijpender dan de fundering in één keer goed aanleggen. Het herstel vraagt demontage van de wanden, opvijzelen van de constructie en het alsnog aanbrengen van een poer onder de betreffende staander.
Afwatering rond de fundering
Regenwater dat langs de staander de grond in zakt verzadigt de bodem rond de poer. Een verzadigde bodem verliest draagkracht, waardoor de poer in de winter gevoeliger wordt voor vorstwerking.
De hemelwaterafvoer loopt daarom weg van de fundering. Een afvoerbuis die op de riolering of op een infiltratiekrat aansluit, houdt het water bij de staandervoet vandaan. Bestrating met afschot van de constructie af werkt in dezelfde richting.
De juiste basis onder uw overkapping
De keuze van de fundering volgt uit drie gegevens: het gewicht van de constructie, de grondsoort ter plaatse en de aanwezigheid van bestaande bestrating. Die drie samen bepalen de diepte, het aantal poeren en de methode.
Veranda Seizoen beoordeelt de ondergrond tijdens het inmeten en neemt de fundering mee in de opbouw. Plan nu een vrijblijvend adviesgesprek.

Fundering overkapping: poeren, beton of schroefpaal
De fundering van een overkapping bestaat in de meeste gevallen uit betonpoeren onder elke staander. Die poeren gaan minimaal 80 centimeter de grond in, tot

Terras overdekken: 5 manieren, kosten en vergunning
Een overdekt terras blijft bruikbaar van maart tot november in plaats van alleen op droge zomerdagen. De keuze tussen een vaste terrasoverkapping, een lamellendak en

Zwarte overkapping: aluminium, douglas en RAL-tinten
Zwart is de meest gekozen kleur voor een overkapping in Nederland. De tint sluit aan op de antracieten kozijnen van moderne nieuwbouw en laat de
